Doneer aan de Mr. Hans van Mierlo Stichting

maandag 17 juni 2019

Column: Haags geklungel

Lerarentekorten, onderfinanciering, verschraling van het onderwijsaanbod. Wie de kranten leest, wordt niet optimistisch over de staat van het onderwijs in Nederland. En alsof er nog niet genoeg problemen waren, voegt zich daar ook de kwestie van het achterblijvend onderwijs in burgerschap bij. Sinds 2006 verplicht maar nog steeds, zo stelde de Onderwijsinspectie dit jaar opnieuw vast, in de kinderschoenen.

De bron van dit achterblijven ligt bij de onduidelijkheid over wat burgerschap is. Soms is de slordigheid waarmee het begrip te pas en te onpas wordt ingezet tenenkrommend. Bijvoorbeeld in de Tweede Kamer, waar de definities en conceptuele afbakeningen van burgerschap over elkaar heen buitelden tijdens een dertigledendebat vorig jaar. Burgerschap zou gaan over “onze gemeenschappelijke identiteit” (Denk), “op een goede manier om te gaan met andere mensen” (GroenLinks), “persoonlijke ontplooiing” (PvdA), “culturele erfenissen en tradities en basiswaarden” (PVV) en “meekrijgen dat we in een land leven waar het normaal is om deel te nemen” (VVD). Spraakverwarring en gegoochel met woorden alom.

Het Haags geklungel zette zich voort toen minister voor Basis- en Voortgezet Onderwijs en Media Arie Slob (CU) met het wetsvoorstel ‘verduidelijking burgerschapsopdracht in het funderend onderwijs’ probeerde meer helderheid te scheppen over wat burgerschap precies is Maar die verduidelijking bleef uit. De Onderwijsraad was in een reactie nietsontziend. Verschillende opvattingen van burgerschap zouden in het wetsvoorstel kriskras door elkaar lopen. De opstellers zouden zich weinig bewust van de verschillende ‘geestelijke en politiek-filosofische stromingen’ en de ‘onverzoenbare betekenissen’ die ze aan het concept burgerschap geven. De scherpte miste, met inconsistentie en onduidelijkheid tot gevolg.

Misschien is het oneerlijk om Slob de schuld in de schoenen te schuiven. In Nederland is burgerschap nooit echt een gevleugelde term geweest. Ja, bij Amerikaanse citizen of de Franse citoyen, dán komt de verbeelding op gang. In Nederland sprak liberale staatsman Thorbecke droogjes van het staatsburgerschap: ‘medewerking of stemregt, krachtens het lidmaatschap van den Staat, bij de algemeene regering.’ Burgerschap definieerde dus de relatie gemeenschap en individu. Onder de kap van een democratische rechtsstaat mag iedereen zijn eigen gang gaan. In Nederland was die vorm van burgerschap lange tijd uitermate geschikt. Binnen de gesloten vertrouwelijkheid van de eigen zuil en en het eigen bijzondere onderwijs was er ook niet veel meer nodig.

Nu de maatschappelijke omstandigheden zijn veranderd, biedt Thorbecke’s staatsburgerschap niet langer voldoende grond. In plaats daarvan blijft het debat in schimmige kapstoktermen hangen. En dat is funest. Er bestaat geen eenduidige definitie van burgerschap. Wél is er een centrale vraag die bij verschillende opvattingen speelt: wat bindt burgers onderling en maakt hen tot een gemeenschap? Elke samenleving veronderstelt een gedeelde grond of basisconsensus. Voor sommigen is dat de relatie tussen burgers vrijheid en het delen van bepaalde formele rechten. Anderen benadrukken een collectieve en historisch gegroeide identiteit en cultuur. En weer anderen wijzen er op dat binding tussen burgers vraagt om het nemen van verantwoordelijkheid voor de publieke zaak.

Wil burgerschapsonderwijs in Nederland écht van de grond komen, dan is de eerste stap een debat over die vragen. Daarná kan het pas echt vorm krijgen in het klaslokaal. Hopelijk kan de Onderwijsinspectie over een paar jaar dan zeggen dat het Haags geklungel tot het verleden behoort. Dat er een succesvolle, doorlopende ‘leerlijn burgerschap’ is, van primair tot secundair onderwijs, die scholen systematisch hun leerlingen aanbieden. En hopelijk is er dan in de toekomst een generatie jongvolwassenen die na het doorlopen van de verplichte jaren aan onderwijs dezelfde kennis en vaardigheden hebben.

Door Daniël Boomsma. Deze column verscheen in Van twaalf tot achttien, een vakblad voor voortgezet onderwijs en is gebaseerd op het essay Burgerschap. Een sociaal-liberale visie (april 2019).