Doneer aan de Mr. Hans van Mierlo Stichting

dinsdag 1 december 2020

Afke Groen in de canon: ‘Betsy Bakker-Nort en gelijke rechten in het huwelijk’

Sociaal-liberalen stonden aan de basis van vele revoluties in de Nederlandse politiek. De canon van het sociaal-liberalisme vertelt de rijke geschiedenis van deze stroming. Nu is er een nieuwe druk, met nieuwe bijdragen over onder andere Betsy Bakker-Nort en gelijke rechten in het huwelijk (1922), het nieuwe kiesstelsel dat er niet kwam (2003) en de afschaffing van het referendum (2018).

Als voorproefje lees je het nieuwe hoofdstuk over Betsy Bakker-Nort en gelijke rechten in het huwelijk alvast hier.

Meer weten over de canon? Klik dan hier.

1922: Betsy Bakker-Nort en gelijke rechten in het huwelijk

Afke Groen

Het was hoog tijd voor een nieuwe huwelijkswet die man en vrouw wettelijk gelijkstelt. Dat betoogde mr. Betsy Bakker-Nort, Kamerlid voor de Vrijzinnig-Democratische Bond (VDB), in november 1922 tijdens een debat over de justitiebegroting. De rechtsbeginselen uit het burgerlijk wetboek – ‘de man is het hoofd der echtvereeniging’ en ‘de vrouw is aan haren man gehoorzaamheid verschuldigd’ – stamden nog uit de stokoude Code Napoleon. De gehuwde Nederlandse vrouw was zo handelingsonbekwaam en dat paste niet bij de moderne vrouw, die steeds minder thuis en steeds vaker in de fabriek werkte.

Het pleidooi van Betsy Bakker-Nort kwam niet uit de lucht vallen. Al als jong meisje trof het haar dat haar ‘flinke zelfstandige moeder’ niet mocht stemmen voor de gemeenteraad en ‘elke domme man wel’. Bertha Nort werd in 1874 geboren in Groningen, in een Joods koopmansgezin. Ze studeerde Scandinavische talen in Denemarken en Zweden. Op jonge leeftijd sloot ze zich aan bij de Nederlandse vrouwenbeweging. Toen Maria Rutgers-Hoitsema, oprichtster van de Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht (VvVK) in Amsterdam, in 1894 een rede hield in Groningen maakte dat diepe indruk op haar. ‘Hoe duidelijk herinner ik me dien avond! Zoo jong en onervaren als ik toen was, de woorden van mevrouw Rutgers waren me uit het hart gesproken. De minachting voor de vrouw, haar achterstelling bij den man, in zoovele opzichten, had ons (mijn moeder was weduwe met uitsluitend dochters) altijd gegriefd en hoogst onbillijk geleken.’

Een jaar na die avond was Bakker-Nort bij de oprichting van de Groningse afdeling van de VvVK. Ze werd niet alleen actief lid, maar in de loop der tijd ook voorzitter van de afdeling en lid van het hoofdbestuur. Samen met dr. Aletta Jacobs trok ze door de provincie Groningen om over vrouwenkiesrecht te spreken. ‘Geen candidaat voor de Tweede Kamer of hij moest door een van ons genoopt zijn standpunt ten opzichte van vrouwenkiesrecht in het openbaar bekennen.’ In 1908 begon Bakker-Nort aan een studie rechten in Groningen, zodat ze zich als jurist – en later als gevestigd advocaat – nog meer kon wijden aan verbetering van de rechtspositie van de vrouw.

Haar activisme richtte zich vooral op de huwelijkswetgeving. In haar proefschrift uit 1914 stelde ze dat zich ‘enorme wijzigingen’ in de maatschappij hadden voltrokken die ‘de verhouding van man en vrouw’ hadden veranderd, terwijl de wet stil was blijven staan. Onder het presidentschap van Bakkert-Nort publiceerde de Vereeniging van Staatsburgeressen, opvolger van de VvVK, in 1920 de Hoofdlijnen voor een moderne huwelijkswetging. Voor de feministen was de strijd voor moderne huwelijkswetgeving het logische vervolg op de strijd voor vrouwenkiesrecht. Immers, de vrouw ‘[wil] dit staatkundig wapen zoo spoedig mogelijk gebruiken om herziening te verkrijgen van de huwelijkswetgeving’.

Bakker-Nort was toen al actief voor de VDB. De erfenis van de vrijzinnig-democraten uit de Radicale Bond past goed bij haar ‘radicaal’ feministische overtuigingen over de ‘gelijkgerechtigdheid van man en vrouw’, zo schreef ze later met Aletta Jacobs. Toen in 1922 vrouwen voor het eerst actief kiesrecht hadden, besloot de VDB dan ook ‘om de verkiezing van een vrouw in onze Kamerfractie te verzekeren’ door een vrouw ‘een zoo hooge plaats’ op de kandidatenlijst te geven ‘dat hare verkiezing vrijwel vast stond’. De tweede plaats viel toe aan Bakker-Nort.

Toch zou ze in de Tweede Kamer bot vangen. Toen de Vereeniging de hoofdlijnen voor de huwelijkswetgeving opstelde ‘werd niet vermoed’ dat die ‘tegen een aaneengesloten macht van 60 der 100 Kamerleden’ verdedigd moesten worden. De socialiste Suze Groeneweg en liberale Jo Westerman steunden de beschouwingen van Bakker-Nort, maar de christelijk-historische Frida Katz bestreed ze ‘met klem’ en vond Bakker-Nort teveel aandacht gaf aan het ‘abnormale geval’ waarin de verhouding tussen man en vrouw niet goed was. Terugblikkend op het debat concludeerde vrijzinnig-democraat en geschiedschrijver Pieter Oud dat van een nieuwe huwelijkswet ‘ook gedurende deze parlementaire periode stellig niets [zal] komen’.

Gehuwde Nederlandse vrouwen bleven uiteindelijk handelingsonbekwaam tot 35 jaar na het pleidooi van Bakker-Nort in 1922. De modernisering van het Nederlandse huwelijksrecht kwam pas tot stand in 1956. Bij de behandeling van het wetsontwerp in april van dat jaar bracht Corry Tendeloo, voormalig politica voor de Vrijzinnig-Democratische Bond en op dat moment Kamerlid voor de PvdA ‘eerbiedige hulde […] aan mijn voorgangster op de Kamerzetel, die ik bezet, mevrouw mr. B. Bakker-Nort.’ Volgens Tendeloo was het aan Bakker-Nort te danken dat de Kamer dit besluit kon nemen. ‘Wanneer de Kamer nu een ontwerp over de opheffing van de handelingsonbekwaamheid kan behandelen, is dit naar mijn mening niet in de laatste plaats een voortbouwen op het door mevrouw Bakker-Nort verrichte voorbereidende werk.’ Betsy Bakker-Nort maakte het niet meer mee. In 1945 werd ze gerepatrieerd uit concentratiekamp Theresienstadt. Ze overleed in februari 1946.

Verder lezen

B. Bakker-Nort et al, Hoofdlijnen voor een moderne huwelijkswetgeving, Nederlandsche Vereeniging van Staatsburgeressen, Amsterdam, 1920.

M. Braun, “Nort, Bertha (1874-1946)”. In Biografisch Woordenboek van Nederland, Huygens ING, Amsterdam 2013.

P. J. Oud, Om de democratie: Systematisch overzicht der parlementaire gebeurtenissen ten dienste der vrijzinnigdemocratische propaganda. Brochurenhandel V.D.B., Den Haag 1925.

Onderschrift foto

Groepsfoto met de Amerikaanse leider van de vrouwenkiesrechtbeweging Anna Shaw. Betsy Bakker-Nort staat rechts achteraan, naast Aletta Jacobs. De foto is genomen voor 1911.