Doneer aan de Mr. Hans van Mierlo Stichting

dinsdag 9 maart 2021

#EUolifant in de Tweede Kamer, column 1

De gehele brochure is hier te vinden.

In de aanloop naar de verkiezingen lijkt er maar weinig aandacht voor Europa te bestaan. En dat terwijl op de agenda van de Europese Unie grote vraagstukken staan – over rechtsstatelijkheid, klimaat, migratie en digitalisering. Een volgend kabinet zal zich daar dan ook zeker toe moeten verhouden. Op Twitter is de #EUolifant in het leven geroepen om te wijzen op de EU als olifant in de kamer tijdens de campagne. Voor de Mr. Hans van Mierlo Stichting geven een aantal auteurs hun kijk op de EU-olifant.


 

De EU-olifant wordt gezien in de verkiezingsprogramma’s, nu nog in de campagne

door Luuk Molthof & Rem Korteweg, beiden verbonden aan Instituut Clingendael.

‘Europa’ komt er bekaaid vanaf in de verkiezingscampagne. Het thema komt niet of nauwelijks aan bod of wordt gereduceerd tot een simplistische vraag over ‘meer of minder EU’. Er is zelfs een hashtag – #EUolifant – gewijd aan het gebrek aan debat over Europa. Toch vinden de partijen Europa wel degelijk belangrijk, blijkt uit een rondgang langs de verkiezingsprogramma’s.

In een recente column voor de NPO schreef Arend Jan Boekestijn dat Europa veel weg heeft van de olifant in de kamer: hij is er wel, maar niemand praat er over. Ondanks het feit dat Europa van grote invloed is op onze welvaart en veiligheid willen Nederlandse politici geen duidelijk Europa-standpunt innemen tijdens deze verkiezingen. Kritiek op de EU is vaak makkelijk, maar juist het belang van Europese samenwerking zou benoemd moeten worden. Bovenal roept Boekestijn politieke partijen op kleur te bekennen. Maar ironisch genoeg doen de meeste middenpartijen dit al, namelijk in hun verkiezingsprogramma’s.

In de aanloop naar de Tweede Kamerverkiezingen hebben wij de verkiezingsprogramma’s op hun buitenlandstandpunten vergeleken. Wat opviel was dat de programma’s van de middenpartijen – lees CDA, CU, D66, GroenLinks, PvdA en VVD – relatief veel aandacht aan ‘Europa’ besteden. Vaak wordt een deel van het programma expliciet aan Europa gewijd, maar het thema duikt ook regelmatig op in de hoofdstukken over defensie, migratie, handel en klimaat.

Dit wil niet zeggen dat alle middenpartijen ook verdere integratie voorstaan. Zo stellen CDA, CU en VVD duidelijke grenzen aan Europese integratie, terwijl GroenLinks en D66 veel enthousiaster zijn. Maar de middenpartijen lijken er wel van doordrongen dat een groot aantal uitdagingen waar de Nederlander zich zorgen om maakt, zoals klimaatverandering, migratie en de opkomst van China, een Europees antwoord vereisen. Onder de streep zetten ze in op meer Europese samenwerking en afstemming. Zo pleiten ze allemaal voor versterkte Europese defensiesamenwerking, een slagvaardiger Europees buitenlandbeleid, slimmere Europese handelsverdragen, een effectiever Europees migratiebeleid en een krachtiger Europees antwoord op de groeiende economische invloed van China, Rusland of Amerika.

Ondanks deze schijnbare consensus, zijn er wezenlijke verschillen in de manier waarop de partijen hier invulling aan geven. De CU wil een verdragswijzing om de “samenwerking op de grote, grensoverschrijdende uitdagingen van deze tijd” vast te leggen en een heldere competentieverdeling af te spreken. GroenLinks wil het Europees Parlement initiatiefrecht geven. Het CDA wil een begrenzing van het vrij verkeer van werknemers op de agenda zetten. De PvdA wil Europa onafhankelijker maken van Amerikaanse ‘Big Tech’ en een einde aan het Nordstream 2 gasproject met Rusland. D66 wil dat Europa met China kan concurreren op 5G-technologie, en buitenlandse investeringen in strategische sectoren kan toetsen en eventueel tegenhouden. CDA, VVD en GroenLinks zijn voorstander van meer Europese defensiesamenwerking, maar daar houdt de overeenstemming op. De VVD wil een sterkere Europese defensie-industrie en vooral de NAVO verstevigen, terwijl GroenLinks de EU onafhankelijker wil maken van de VS “ongeacht wie er in het Witte Huis zit”. Het CDA pleit intussen voor de oprichting van een Europese Veiligheidsraad.  Juist vanwege deze verschillen moet Europa aan bod komen in de campagne. Zo niet, dan wordt het thema afgestompt tot de vraag “Nexit of niet?”. Het is de kiezer die dan aan het kortste einde trekt.

De verkiezingsprogramma’s laten zien dat de meeste partijen wel degelijk over Europa nagedacht hebben. Dit moet ook in de campagne en de lijsttrekkersdebatten naar voren komen. Want deze verkiezingen bepalen ook de Nederlandse koers in Europa, en in Europa ligt steeds meer de oplossing voor Nederlandse problemen. Dus, middenpartijen, doe recht aan jullie programma’s en onthul de olifant!