Doneer aan de Mr. Hans van Mierlo Stichting

woensdag 10 maart 2021

#EUolifant in de Tweede Kamer, column 3

De gehele brochure is hier te vinden.

In de aanloop naar de verkiezingen lijkt er maar weinig aandacht voor Europa te bestaan. En dat terwijl op de agenda van de Europese Unie grote vraagstukken staan – over rechtsstatelijkheid, klimaat, migratie en digitalisering. Een volgend kabinet zal zich daar dan ook zeker toe moeten verhouden. Op Twitter is de #EUolifant in het leven geroepen om te wijzen op de EU als olifant in de kamer tijdens de campagne. Voor de Mr. Hans van Mierlo Stichting geven een aantal auteurs hun kijk op de EU-olifant.


 

Breng Europa aan bod in de verkiezingscampagne

door Catherine de Vries, hoogleraar politieke economie aan de Bocconi Universiteit te Milaan & hoogleraar politiek gedrag in Europa aan de VU Amsterdam

De afgelopen weken is er een Twitter-campagne ontstaan met de hashtag #EUolifant. Het debat over Europa heeft inderdaad veel weg van een olifant in de kamer. Veel onderwerpen die Nederlandse kiezers belangrijk vinden, zoals de economie, klimaat of migratie, stoppen niet bij de grens, maar toch komt het debat over wat we als Nederland met Europa willen maar niet van de grond. Ook in de verkiezingscampagne komt Europa vrijwel niet aan bod. En als het thema besproken wordt dan gaat het vaak niet verder dan voor of tegen, terwijl de belangrijkste vraag van ‘hoe’ niet besproken wordt.

Dit is onwenselijk. Hierdoor heerst vaak het gevoel dat er in Europa iets heel belangrijks gebeurt, maar dat er niet over gepraat wordt in Den Haag. Veel Noord-Europese burgers schrijven de baten van Europese integratie toe aan de verdiensten van hun nationale politici en instituties, en zien Europese samenwerking daardoor vooral als kostenpost – zo blijkt uit onderzoek naar euroscepticisme. Niet verwonderlijk, als nationale politici niet graag spreken over wat de Europese Unie toevoegt aan beleid, maar ‘Brussel’ wel graag als zondebok gebruiken als iets niet goed gaat. Dat is slecht voor het Nederlandse politieke debat én slecht voor de geloofwaardigheid van het Europese samenwerkingsproject.

Het is niet de eerste keer dat belangrijke problemen niet aan bod komen tijdens verkiezingen. Tijdens de vorige Kamerverkiezingen was er weinig aandacht voor klimaatbeleid. Dit ondanks dat experts erop wezen dat er vergaande stappen nodig waren om klimaatverandering tegen te gaan, die ook verdelingsvraagstukken met zich mee zouden brengen. De meeste lijstrekkers kozen er toen voor om dit thema uit te onderhandelen tijdens de formatie. Dit leidde tot grote maatschappelijke onrust. Nu lijkt er iets vergelijkbaars te gaan gebeuren met het Nederlandse Europabeleid.

De Europese Unie staat voor ongekende uitdagingen de komende jaren. De kernwaarden die aan de ontwikkeling van de Europese samenwerking ten grondslag liggen – vrede, democratie, rechtsstatelijkheid, multilateralisme, economische vrijheid en sociale zekerheid – staan onder druk. Geïnstitutionaliseerde samenwerking is niet minder noodzakelijk geworden, maar wel veel kwetsbaarder.

In de schaduw van dit complexe economische en geopolitieke krachtenveld, zal Nederland moeten proberen haar stempel te drukken op de Europese politiek. Hoe helpen we actief om de EU verder vorm te geven? Hiervoor hebben we een plan, de juiste kennis, geschikte mensen en diplomatiek handwerk nodig. Ik zou dan ook graag horen hoe de verschillende lijstrekkers Europees maatwerk willen gaan leveren in de toekomst – en vele Nederlandse kiezers met mij.

Deze column is deels gebaseerd op het hoofdstuk van Catherine de Vries in Naar een nieuw kabinet van sociale rechtvaardigheid: Een programma van urgentie voor arbeid, technologie, wonen, onderwijs & democratie in een nieuwe tijd (Brummer & Groen, 2021). Het boek is hier te bestellen.

Afbeelding van Daria Nepriakhina, Unsplash.